Rapporten Rhenen 2008

07.13662 (download rapport)

Rapport 12 februari 2008

 Verzoeker
1. is het niet eens met de beslissing van de gemeente om zijn klacht over de intimidatie van medewerker Y. ongegrond te verklaren. De motivatie achter de beslissing wekt de indruk dat de klacht niet de benodigde aandacht heeft gehad;
2. is van mening dat niet alles wat in de hoorzitting (tijdens de klachtbehandeling) aan de orde is geweest in het verslag is opgenomen. Zo is een vraag van de gemeente en het antwoord van verzoeker niet terug te vinden;
3. vindt dat er een onjuistheid staat in de brief van de gemeente van  oktober 2007. Medewerker Y. heeft niet gedreigd met een medisch onderzoek, maar met het opvragen van het hele medische dossier. Door gebruik c.q. misbruik te maken van zijn functie als ambtenaar bij de afdeling Welzijn en Sociale Zaken zou de privacy van verzoeker op grove wijze worden geschonden;
4. vindt dat medewerker Y. dreigde met vergelding in de toekomst door op te merken dat "hij mij nog wel zou krijgen"#

 07.13536 (download rapport)

Rapport 29 februari 2008

Kernbegrippen

bijstandsuitkering;stopzetten;niet voldoen aan inlichtingenplicht;foutief adres;bezwaar;hoorzitting;nemen van maatregelen;spoedoverboeking;excuses;norm van administratieve nauwkeurigheid;norm van opgewerkt vertrouwen (rechtszekerheid);belangenafweging;motivieringsnorm;evenredigheidsnorm;norm van adequate organisatorische voorzieningen;norm van correcte bejegening en fatsoen;norm van voortvarendheid;norm van professionaliteit.

Samenvatting

Verzoeker ontvangt een bijstandsuitkering die op een bepaald moment wordt stopgezet, omdat hij niet aan de inlichtingenplicht zou hebben voldaan. Ook het vakantiegeld werd niet uitbetaald. Verzoeker zag zijn dossier in en bemerkte dat zijn post naar een verkeerd postbusnummer was gezonden, waardoor de vraag om inlichtingen hem niet bereikte. De post was ook ongeopend aan de gemeente geretourneerd. In een poging een en ander recht te zetten stuurde hij e-mails en brieven. De gemeente wees hem op de bezwaarprocedure, maar ondernam verder geen actie. De poging van verzoeker om informeel tot een oplossing te komen had geen effect. Wel ontving hij per e-mail een filmpje over een winkeldief, dat per abuis naar hem was verzonden. Na verloop van tijd besloot de gemeente het vakantiegeld alsnog uit te keren, maar niet de uitkering. Verzoeker begrijpt dit niet. Na enkele maanden vindt de hoorzitting plaats in het kader van het bezwaarschrift. Verzoeker wordt naar een tafeltje geleid waar enkele gemeente ambtenaren zitten. Deze spreken over het tijdstip van de hoorzitting en wat dit voor hen betekent. Tijdens de hoorzitting geeft de gemeente aan dat zij een fout heeft gemaakt en dat zij zo snel mogelijk de uitkering naar verzoeker zal overmaken. Als dit niet geschiedt vraagt verzoeker de Gemeentelijke Ombudsman om te bemiddelen. De gemeente zegt de ombudsman toe het geld over te maken, maar ook dan duurt het nog enkele dagen voordat het geld op de rekening van verzoeker staat. Het bedrag blijkt niet correct te zijn. Pas na de beslissing op bezwaar maakt de gemeente de definitieve berekening op.

De gemeente laat weten dat het vakantiegeld niet aan verzoeker werd uitbetaald, omdat er een beslag op was gelegd. Pas na het beëindigingsonderzoek werd het vakantiegeld uitbetaald. Eigenlijk ten onrechte, omdat het aan de deurwaarder had moeten worden overgedragen. Pas op de dag van de hoorzitting merkte de gemeente dat de uitkering ten onrechte was stopgezet. Zij kon verzoeker echter niet meer telefonisch bereiken. Het stond verzoeker - naar het oordeel van de gemeente - vrij om aan een ander tafeltje plaats te nemen.

Uit het onderzoek van de ombudsman blijkt dat de gemeente al in een veel eerder stadium op de hoogte was van het feit dat de post van verzoeker naar een verkeerd adres was gezonden. Daarnaast constateert de ombudsman dat de gemeente geen spoedoverboeking deed en dat pas 13 dagen na de hoorzitting het geld op verzoekers rekening stond. Pas bij het besluit op bezwaar biedt de gemeente excuses aan. De ombudsman oordeelt dat er in deze zaak veel mis is gegaan. De gemeente handelt op diverse fronten niet nauwkeurig en ook komt zij haar beloften niet na. Daarnaast is zij niet in staat om op eenvoudige wijze een geconstateerde fout recht te zetten en om duidelijk naar verzoeker te communiceren waarom hij wel het vakantiegeld krijgt uitbetaald, maar niet de uitkering. De gemeente schendt meerdere behoorlijkheidsnormen.